Thursday, October 26, 2006

Dit is geen stationsroman

Iedereen is anders. Groen. Rood. Paars met witte bollen, oranje strepen en lichtblauwe hartjes. Maar anders wil nog niet zeggen speciaal. Die lichtblauwe hartjes maken het geheel bijvoorbeeld speciaal. Speciaal is namelijk zo een woord om aan te duiden dat iets een opmerkelijke trek heeft, dat iemand omwille van één of ander kenmerk eruit springt. Speciaal wordt echter dikwijls ook gebruikt om niet te zeggen dat we iets eigenlijk helemaal niet zo mooi vinden. Denk aan de gelukwensen aan de ouders die hun pasgeboren baby de naam Kenji meegeven. Dat vinden we speciaal, nietwaar?

Uitzonderlijk heeft speciaal echter ook wel positieve bijklanken. Meer nog. Soms is het niet zozeer een verwijzing naar één van die bijklanken, maar naar een harmonieuzer geheel. Ik ken zo iemand waarvoor ik de term 'speciaal' de meest geschikte beschrijving beschouw - voor het geval dat iemand mij zou vragen op die persoon slechts één adjectief te plakken. En anderzijds is speciaal misschien wel het minste dat ik kan zeggen.

Ze zit op de trein met haar iPod-oortjes op de plaats waar die thuis horen. Blik op oneindig. En toch weer niet. Blik op de jongen die tegenover haar zit. Af en toe. Hij wil wel, maar ze heeft (letterlijk) meer oren naar de nieuwe cd van de Kooks. De trein stopt. De jongen stapt uit. Zachtjes verlaat de trein het station, terwijl de jongen de laagvallende zonnestralen tracht tegen te houden met zijn hand om toch nog een glimp van die ogen te kunnen opvangen. Ogen die om één of andere vreemde reden toch nog op hem zijn gericht. Alsof het haar plots wel nog interesseert. Nochtans speelt de cd nog. De muziek is dezelfde. Maar de wereld lijkt plots anders. Zo anders dat ze de volgende dagen dezelfde plaats op de trein inneemt. Met haar blote voetjes leest ze al indiaantje zittend de annonces in de Metro, in de hoop een verwijzing naar haar te vinden. Misschien wel naar haar ogen.

Dat is ze. Ik noem het tedere nonchalance. Een eerbetoon aan onverwachtbare eenvoud. Vergeet haar voor maanden en babbel ermee voor uren, om er dan weer een paar maanden zonder door te komen. Ik noem haar speciaal. Altijd opgewekt. Altijd vrolijk. Voor zover ik weet tenminste (en zo veel is dat ook weer niet - voor hetzelfde geld is ze niet uit te staan wanneer ze 's morgens haar bed uitstapt). Een grote brok levenvreugde met kleine mysterieuze kantjes. Maar die horen erbij. Een eindeloze glimlach onder twee fonkels van ogen. Die zeggen dat ze leeft als geen ander, in de hoop dat die dat altijd zullen blijven zeggen.


3 comments:

Anonymous said...

moooi :) applausje!! :)

Anonymous said...

Fantastisch, zoals ik van jou gewoon ben.

groetjes xxx

ps: Aan ons verhaal nog verder geschreven?

Fabio said...

Ah...dat verhaal! Ik was het al bena vergeten...misschien is het wel eens tijd om er weer verder aan beginnen schrijven! t.b.c.

Cheers!